Fra Roberto Caracciolo en de innerlijke beleving van het schilderij

Een belangrijke sleutel tot het begrijpen van de vijftiende-eeuwse schilderkunst ligt volgens Michael Baxandall niet alleen bij de schilder, maar ook bij de prediker. In de kerken leerden beroemde volkspredikers, zoals Fra Roberto Caracciolo da Lecce, de gelovigen hoe zij Bijbelse verhalen moesten beleven. Hun preken gaven niet alleen uitleg over de gebeurtenissen, maar vooral over de gevoelens en geestelijke ervaringen die daarbij hoorden. Daardoor ontwikkelde het publiek een vaste manier van kijken naar religieuze afbeeldingen.

Voor Baxandall zijn schilder en prediker daarom nauw met elkaar verbonden. De prediker bereidde de gelovige voor op het schilderij, terwijl de schilder de lessen van de prediker zichtbaar maakte. Beiden werkten als het ware samen aan dezelfde religieuze boodschap. Wie een schilderij zag, herkende daarin niet alleen een Bijbels verhaal, maar ook de geestelijke lessen die hij tijdens de preek had geleerd.

De vijf Loffelijke Staten van Maria

Fra Roberto werkte dit bijzonder uitvoerig uit aan de hand van de Verkondiging aan Maria. Volgens hem doorloopt Maria tijdens haar ontmoeting met de engel Gabriël vijf opeenvolgende geestelijke toestanden. Deze vormen geen losse emoties, maar een zorgvuldig opgebouwde innerlijke ontwikkeling.

1. Conturbatio / Ontsteltenis

Maria schrikt wanneer de engel haar begroet. Die ontsteltenis komt echter niet voort uit angst of ongeloof, maar uit verwondering over de uitzonderlijke woorden die tot haar worden gesproken. Zij beseft dat er iets buitengewoons gebeurt, zonder de volle betekenis al te begrijpen. Schilders brengen deze eerste reactie vaak tot uitdrukking met een lichte terugdeinzende houding, een opgetrokken hand of een verbaasde blik.

2. Cogitatio / Overdenking

Na de eerste schrik volgt de bezinning. Maria probeert de betekenis van de woorden van de engel te begrijpen. Zij denkt na, weegt de boodschap af en zoekt naar inzicht. Deze fase wordt in de schilderkunst zichtbaar door een rustige, ingetogen houding. Maria lijkt in zichzelf gekeerd en haar blik is vaak naar binnen gericht. Voor Baxandall is dit een typisch voorbeeld van hoe een schilder een innerlijk proces zichtbaar probeert te maken.

3. Interrogatio / Ondervraging

Vervolgens stelt Maria haar vraag: "Hoe zal dit geschieden?" Deze vraag komt niet voort uit twijfel aan God, maar uit haar verlangen de goddelijke wil goed te begrijpen. Zij zoekt geen bewijs, maar inzicht. De schilder toont daarom geen wantrouwen, maar een eerlijke, bedachtzame dialoog tussen Maria en de engel. Deze fase laat zien dat geloof en verstand in de renaissance niet tegenover elkaar staan, maar elkaar juist aanvullen.

4. Humiliatio / Nederige onderwerping

Wanneer Maria begrijpt wat God van haar vraagt, aanvaardt zij dit in volledige nederigheid. Met de woorden "Zie de dienstmaagd des Heren; mij geschiede naar uw woord" geeft zij zich geheel over aan Gods wil. Volgens Fra Roberto is dit het hoogtepunt van haar deugdzaamheid. In de schilderkunst wordt dit zichtbaar door haar knielende houding, haar neergeslagen blik en haar rustige gebaar van overgave. Baxandall merkt op dat vooral Fra Angelico steeds opnieuw juist dit moment afbeeldt.

5. Meditatio / Overpeinzing

Nadat de engel is verdwenen, blijft Maria alleen achter. Nu begint de diepste fase: de stille overpeinzing. Zij denkt na over het wonder dat zich in haar heeft voltrokken en richt zich geheel op God. Dit is geen dramatisch moment, maar een toestand van volledige innerlijke rust en contemplatie. Voor Fra Roberto vormt deze Meditatio de voltooiing van het geestelijke proces. Baxandall wijst erop dat schilderijen waarop Maria alleen wordt afgebeeld – de zogenoemde Annunziata – juist deze verstilde fase verbeelden.

Waarom deze vijf fasen zo belangrijk zijn

Volgens Baxandall waren deze vijf geestelijke toestanden in de vijftiende eeuw algemeen bekend. Gelovigen hoorden ze tijdens preken en herkenden ze onmiddellijk wanneer zij een schilderij bekeken. Een kunstenaar hoefde daarom niet uit te leggen wat Maria voelde; een kleine verandering in houding, blik of handgebaar was voldoende om de beschouwer de juiste emotionele fase te laten herkennen.

Dit verklaart ook waarom schilders als Fra Angelico, Perugino, Pinturicchio en later Raphael hun figuren zo ingetogen weergeven. Hun schilderijen tonen geen uitbundige emoties, maar de subtiele overgangen van de ene geestelijke toestand naar de volgende. De ware betekenis van het schilderij ontstond pas doordat de beschouwer deze fasen zelf kende en innerlijk meebeleefde.

Fra Roberto heeft daarmee een blijvende invloed gehad op de renaissancekunst. Zijn preken vormden een geestelijk interpretatiekader dat kunstenaars hielp om niet alleen Bijbelse gebeurtenissen af te beelden, maar vooral de innerlijke weg van de mens naar God zichtbaar te maken. Baxandall gebruikt zijn werk daarom als een van de belangrijkste sleutels om te begrijpen hoe een vijftiende-eeuws publiek religieuze schilderijen beleefde.

Geraadpleegde literatuur:
Michael Baxandall, schilderkunst en de leefwereld in het quattrocento, Nijmegen : SUN, 1986
Peter Bell, Leonardo Impett, The Choreography of the Annunciation through a Computational Eye, Histoire de l'art Année 2021

Enkele voorbeelden uitgewerkt: