
Collegiata dei Santi Martino e Leonardo
Het religieuze hart van Foiano
De Collegiata dei Santi Martino e Leonardo is al meer dan zeven eeuwen het religieuze middelpunt van Foiano della Chiana. De eerste parochiekerk ontstond vermoedelijk in de dertiende eeuw, toen de nederzetting zich ontwikkelde binnen haar stadsmuren. Naarmate Foiano in betekenis groeide, werd ook de kerk uitgebreid en verfraaid. De huidige Collegiata werd in de zestiende eeuw gebouwd op de plaats van een oudere parochiekerk. Tijdens de achttiende eeuw onderging het gebouw een ingrijpende verbouwing waarbij het interieur zijn huidige laatbarokke karakter kreeg, met een tongewelf, een koepel op de viering en zes zijkapellen. De verheffing tot collegiale kerk onderstreepte haar centrale positie binnen het religieuze leven van de stad. Het huidige interieur weerspiegelt vooral de ingrijpende verbouwingen uit de zestiende en zeventiende eeuw. Deze vielen samen met de hervormingen van de katholieke Kerk na het Concilie van Trente (1545–1563). Overal in Italië werden kerkgebouwen aangepast aan de nieuwe liturgie: de aandacht moest volledig uitgaan naar het hoogaltaar, de prediking en de sacramenten. Ook in Foiano kreeg de kerk een ruimtelijker opzet, waarin schilderkunst, beeldhouwkunst en architectuur gezamenlijk de gelovige moesten aanspreken. Juist daardoor vormt de Collegiata vandaag een bijna complete staalkaart van de Toscaanse religieuze kunst gedurende drie eeuwen.
De renaissance: de invloed van Florence
Het oudste meesterwerk in de kerk is zonder twijfel Madonna della Cintola, vervaardigd door Andrea della Robbia in 1502. Het reliëf behoort tot de mooiste voorbeelden van de beroemde Florentijnse techniek van de geglazuurde terracotta. Luca della Robbia had deze techniek in het midden van de vijftiende eeuw ontwikkeld als een duurzaam alternatief voor beschilderd marmer en natuursteen. Zijn neef Andrea bracht haar vervolgens tot grote artistieke hoogte. De heldere witte figuren tegen een diepblauwe achtergrond bezitten een uitzonderlijke frisheid die na vijf eeuwen nauwelijks aan kracht heeft verloren. De voorstelling van Maria die haar gordel aan de apostel Thomas overhandigt, verwijst naar een geliefde middeleeuwse legende waarin de gordel het tastbare bewijs vormt van Maria's Tenhemelopneming. Andrea vertaalt dit verhaal in een harmonische compositie waarin rust, evenwicht en menselijke waardigheid volledig beantwoorden aan de idealen van de Florentijnse renaissance. De aanwezigheid van een werk van Andrea della Robbia in Foiano toont hoe nauw de stad rond 1500 verbonden was met Florence. De werkplaats van de familie Della Robbia leverde in heel Toscane altaarstukken en sculpturen, maar slechts weinig plaatsen bezitten zo'n representatief ensemble als Foiano.
Een tweede hoogtepunt uit dezelfde traditie is de monumentale groep met San Giovanni Evangelista, Santa Maria Maddalena e Crocifisso, toegeschreven aan Francesco della Robbia. De geglazuurde terracotta laat zien hoe de stijl van de familie zich in de eerste decennia van de zestiende eeuw ontwikkelde. De figuren worden monumentaler en emotioneler, terwijl de verfijnde afwerking en het karakteristieke kleurgebruik behouden blijven. De ingetogen droefheid van Johannes en Maria Magdalena verleent de kruisigingsgroep een grote menselijke overtuigingskracht.
Vrijwel gelijktijdig ontstond een van de belangrijkste schilderijen van de kerk: Incoronazione della Vergine van Luca Signorelli uit 1523. Signorelli, geboren in Cortona op slechts enkele kilometers van Foiano, behoort tot de grootste vernieuwers van de Italiaanse renaissance. Zijn monumentale figuren, krachtige anatomie en dramatische ruimtewerking vormden een belangrijke inspiratiebron voor Michelangelo, die enkele jaren later het gewelf van de Sixtijnse Kapel zou schilderen. In Foiano toont Signorelli zich op het hoogtepunt van zijn kunnen. De kroning van Maria krijgt een monumentale opbouw waarin de hemelse glorie wordt gecombineerd met een opvallend menselijke lichamelijkheid. De krachtige figuren bezitten een plastische monumentaliteit die typerend is voor de hoogrenaissance, terwijl de heldere compositie de aandacht volledig richt op het mysterie van Maria's verheffing. Het altaarstuk vormt daarmee een overgang tussen de harmonische wereld van de renaissance en de meer expressieve kunst van de zestiende eeuw.
De Contrareformatie: kunst als geloofsverkondiging
Na het Concilie van Trente veranderde de functie van religieuze kunst ingrijpend. Kunst moest niet langer alleen schoonheid tonen, maar vooral de katholieke geloofsleer begrijpelijk maken en de gelovige emotioneel raken. De Collegiata weerspiegelt deze ontwikkeling op voorbeeldige wijze. De anonieme Madonna della Misericordia uit de zestiende eeuw grijpt terug op een middeleeuws motief waarin Maria haar beschermende mantel over de gelovigen uitspreidt. In de context van de Contrareformatie kreeg deze voorstelling een nieuwe betekenis. Maria werd nadrukkelijk voorgesteld als voorspreekster en beschermster van de gelovigen, een thema dat de katholieke Kerk bewust benadrukte tegenover de protestantse kritiek op de heiligenverering. Ook Madonna in trono con Bambino van Antonio Circignani, beter bekend als Il Pomarancio, weerspiegelt de nieuwe religieuze beeldtaal. Zijn schilderij, ontstaan rond 1600, combineert de elegante vormen van het late maniërisme met de grotere emotionaliteit van de vroege barok. De figuren lijken dichter bij de beschouwer te komen, terwijl het warme kleurgebruik en de subtiele lichtwerking de voorstelling een grotere intimiteit verlenen. Hetzelfde geldt voor Gesù morente sulla croce van Orazio Porta. Niet de triomf van de verrijzenis staat centraal, maar het menselijk lijden van Christus. De gelovige wordt uitgenodigd zich persoonlijk met dit lijden te identificeren, een kernpunt van de spiritualiteit na het Concilie van Trente.
Geraadpleegde bronnen:
- Wikipedia
- Eigen waarnemingen ter plaatse van de kunstwerken en de architectuur van de kerk
- Bestudering van de informatiepanelen en toelichtingsbordjes bij de kunstwerken in de kerk
- turismo.comune.foiano.ar.it
Geglazuurd terracotta, 430 × 280 cm. Dit geglazuurde terracotta reliëf bevindt zich op het derde altaar aan de rechterzijde van de Collegiale Kerk. Waarschijnlijk was het echter oorspronkelijk bestemd voor de oude Pieve Vecchia of voor de inmiddels verdwenen kerk van San Leonardo.
Vanwege de uitzonderlijke kwaliteit van de uitvoering werd het werk in het verleden toegeschreven aan Luca della Robbia. Tegenwoordig wordt het algemeen beschouwd als een van Andrea della Robbia's mooiste creaties. De vermoedelijke bijdrage van ateliermedewerkers is echter zichtbaar in de wat zware lichamen van de engelen en in de tamelijk monotone behandeling van hun haar.
In tegenstelling tot veel andere predella's zijn hier geen taferelen uit het leven van Christus afgebeeld. Op het grote hoofdpaneel houden twee vliegende engelen perkamentrollen vast met de opschriften PANE ANGELORUM MANDUCAVIT HOMO ("De mens at het brood der engelen") en PANEM QUEM EGO DABO CARO MEA EST ("Het brood dat Ik zal geven, is mijn vlees"). De engelen flankeren een met blauwe en gele linten samengebonden guirlande, waarin twee cherubijnen een kelk dragen, bekroond door drie patenen. Aan weerszijden van de sokkel zijn de knielende opdrachtgevers afgebeeld. Daaronder bevindt zich een inscriptie die vermeldt dat het paneel werd geschonken door Quirico di Bartolomeo di Ser Iacopo en voltooid op 12 april 1502. Het thema van dit reliëf sluit nauw aan bij dat van het werk dat Andrea voor het heiligdom van La Verna vervaardigde. Dankzij het grotere formaat kon hij de compositie echter uitbreiden en verrijken met nieuwe iconografische details.
Als geheel weerspiegelt het werk Andrea's artistieke productie uit het begin van de zestiende eeuw, toen zijn stijl werd beïnvloed door het religieuze klimaat dat ontstond onder de invloed van Savonarola in Florence. De compositie is sober en overzichtelijk, terwijl de gezichten van de statige figuren, gehuld in ingetogen gewaden, verwantschap vertonen met de schilderkunst van Perugino, bijvoorbeeld diens Gonfalone della Giustizia (1496), en later met het werk van Fra Bartolomeo.
Bron: informatiebord Collegiata dei Santi Martino e Leonardo (vrij vertaald)
Luca Signorelli
Kroning van de Maagd met Engelen en Heiligen (1523), paneel
De Kroning van de Maagd met Engelen en Heiligen, geschilderd in 1523 in opdracht van aartspriester Angelo Mazzarelli, behoort tot de laatste hoogtepunten van Luca Signorelli's carrière. Volgens Giorgio Vasari vervaardigde de kunstenaar het werk in Cortona, toen hij al "oud en verlamd" was, waarna het naar Foiano werd overgebracht. Het bevindt zich nog altijd op het tweede altaar aan de linkerzijde van de Collegiale Kerk van de Heiligen Martinus en Leonardo.
De opdracht werd verstrekt op 24 maart 1522. In het register van inkomsten en uitgaven van het collegiale kapittel is bovendien een ontvangstbewijs bewaard gebleven voor de betaling van negentig gouden dukaten, ondertekend met de inmiddels bevende hand van Luca Signorelli en gedateerd 14 juli 1523.
Volgens de overlevering is de figuur van Sint-Martinus, gekleed in een rijk met goud geborduurde koorkap, een portret van aartspriester Angelo Mazzarelli. De oude, gladgeschoren heilige zou daarentegen een zelfportret van de kunstenaar zijn.
Oorspronkelijk werd het altaarstuk vergezeld door een predella met scènes uit het leven van Sint-Martinus. Deze werd in 1978 gedeeltelijk gestolen. Van de vier met zekerheid gedocumenteerde panelen zijn De begrafenis van Sint-Martinus en Sint-Martinus drijft demonen uit een dolle koe bewaard gebleven.
Delen van de uitvoering worden toegeschreven aan een medewerker uit Signorelli's atelier, waarschijnlijk Antonio di Donnino di Domenico del Mazziere, een kunstenaar die vermoedelijk was opgeleid in de kring van Franciabigio. Het is echter moeilijk de verschillende handen binnen het atelier van elkaar te onderscheiden. Luca Signorelli bleef tot in de laatste maanden van zijn leven actief en hield vermoedelijk toezicht op de werkzaamheden, waardoor de atelierproductie een opvallende stilistische eenheid vertoont.
Na de dood van de meester zette zijn neef Francesco Signorelli de activiteiten van het atelier voort. Hij nam verschillende lopende opdrachten over en erfde de modellen en ontwerpen van zijn oom. Francesco was bovendien aanwezig bij het opstellen van Luca's testament in Foiano op 29 mei 1523, mogelijk om de voltooiing of overdracht van deze opdracht te regelen.
Bron: P. Refice, lemma in Luca Signorelli. De ingegno et spirito pelegrino, onder redactie van F. De Chirico, V. Garibaldi, T. Henry en F. F. Mancini. Tentoonstellingscatalogus Perugia – Orvieto – Città di Castello, 21 april – 26 augustus 2012, p. 337.
Bron: informatiebord Collegiata dei Santi Martino e Leonardo (vrij vertaald)
Boven in de compositie wordt de kroning van de Maagd omlijst door vier musicerende engelen, twee aan weerszijden van de hoofdgroep. Daaronder zijn verschillende heiligen afgebeeld die de hemelse verschijning aanschouwen en eerbiedig knielen.
Links bevinden zich Sint-Jozef en daaronder Sint-Maria Magdalena. Daarnaast staat Sint-Martinus, de patroonheilige van de Collegiale Kerk van Foiano, gehuld in een rijk met goud geborduurde koorkap. Naast hem staat Sint-Leonardus, herkenbaar aan zijn boeien, maar gekleed in het habijt van een dominicaan. Vervolgens zijn Sint-Antonius van Padua, met een hart als attribuut, en Sint-Benedictus van Nursia, in een zwart habijt, afgebeeld. Op de voorgrond knielt de halfnaakte boeteling Sint-Hiëronymus, met de boetesteen in zijn hand. Achter hem lijkt Sint-Lucas de Evangelist in gesprek met een knielende man, die volgens de overlevering een zelfportret van Luca Signorelli zou zijn. Rechts, onder de engelen, staat de aartsengel Michaël met getrokken zwaard.
De predella onder het altaarstuk ontbreekt tegenwoordig. Oorspronkelijk bestond deze uit vier panelen met scènes uit het leven van Sint-Martinus. Twee panelen werden in 1978 gestolen; de twee overige worden bewaard door de Soprintendenza Archeologia, Belle Arti e Paesaggio in Arezzo. Bron: Universiteit van de Derde Leeftijd (Università della Libera Età) van Foiano, 2000.
Bron: informatiebord Collegiata dei Santi Martino e Leonardo (vrij vertaald)
Antonio Circignani (Il Pomarancio), Madonna in trono con Bambino (ca. 1600)
Madonna van de Heilige Gordel
De Maagd Maria neemt het midden van het altaarstuk in. Zij overhandigt haar heilige gordel, symbool van haar maagdelijkheid, aan de knielende apostel Thomas. Naast hem staat Sint-Leonardus.
Op de predella houden twee vliegende engelen perkamentrollen vast, samen met een guirlande die is samengebonden met blauwe en gele linten. Binnen de guirlande dragen twee cherubijnen een kelk, bekroond door drie patenen.
Aan weerszijden van de sokkel zijn de knielende opdrachtgevers afgebeeld, met daarboven de inscriptie: "QUIRICO M. JACOPA."
Tussen het hoofdpaneel en de predella bevindt zich een tweede inscriptie, waarin staat dat het werk werd geschonken door Quirico di Bartolomeo di Ser Iacopo en werd voltooid op 12 april 1502.
Bron: informatiebord Collegiata dei Santi Martino e Leonardo (vrij vertaald)
Michelangelo Vestrucci, Nascita di San Giovanni Battista (1624)
Het schilderij toont de geboorte van Johannes de Doper in een rijk ingericht interieur. Bovenaan staat een fraai versierd hemelbed, waarvan de baldakijn door engelen wordt opgehouden. De heilige Elisabeth rust half liggend op het bed. Links zit Zacharias, met gebogen hoofd, op een bankje. Aan het voeteneinde staan twee vrouwen, van wie één een waaier vasthoudt.
Op de voorgrond draagt de voedster de pasgeboren Johannes in haar armen en maakt zij zich gereed hem te wassen in een teil. Rechtsonder zijn drie kinderen afgebeeld: één warmt een luier op, een ander blaast in een vuurpot om het vuur aan te wakkeren, terwijl de derde zijn ogen bedekt.
Het schilderij is niet alleen van religieus belang, maar vormt ook een waardevolle bron voor de studie van historische kleding, meubels en waaiers. Bron: Universiteit van de Derde Leeftijd (Università della Libera Età) van Foiano, 2000.
Bron: informatiebord Collegiata dei Santi Martino e Leonardo (vrij vertaald)