Giorgio Vasari in Palazzo Vitelli alla Cannoniera

Palazzo Vitelli alla Cannoniera

Palazzo Vitelli alla Cannoniera behoort tot de belangrijkste renaissancepaleizen van Umbrië. De betekenis van het paleis ligt niet alleen in zijn rijke decoratie, maar vooral in het samenhangende beeldprogramma dat Giorgio Vasari voor Alessandro Vitelli ontwierp. Vasari was niet de architect, maar trad op als ontwerper, iconograaf en regisseur van een programma waarin architectuur, schilderkunst en humanistische ideeën samenkomen. Zijn belangrijkste bijdrage was de inventio: het vermogen om een oorspronkelijk en betekenisvol beeldprogramma te bedenken. De uitvoering werd grotendeels toevertrouwd aan zijn medewerker Cristofano Gherardi, bijgenaamd Il Doceno, terwijl de intellectuele opzet van Vasari afkomstig was.

Alessandro Vitelli was een gevierd condottiere en een van de machtigste leden van de familie Vitelli. Zijn residentie moest daarom meer zijn dan een luxueus woonhuis: zij diende als uitdrukking van zijn maatschappelijke positie en van de humanistische idealen van de zestiende-eeuwse elite. Vasari presenteerde Vitelli niet alleen als succesvol militair, maar als de ideale renaissance-edelman, waarin militaire bekwaamheid, geleerdheid, beschaving en morele kwaliteiten samenkwamen.

Dat programma wordt al zichtbaar in de monumentale sgraffito-decoratie van de tuingevel. Vasari vertaalde hier de herontdekte ornamentiek van de Romeinse oudheid naar een eigentijdse renaissancistische beeldtaal. Sinds de ontdekking van de Domus Aurea aan het einde van de vijftiende eeuw waren kunstenaars gefascineerd door de fantasierijke schilderingen van Nero's paleis, die als grottesche bekend werden. Op de gevel ontvouwt zich een netwerk van ranken, vazen, maskers, mythologische wezens, medaillons en architectonische fantasieën. Hoewel deze ornamenten zich vrij over de muur lijken te bewegen, volgen zij nauwgezet de ritmiek van de architectuur, waardoor schilderkunst en bouwkunst één geheel vormen.

De decoratie heeft bovendien een duidelijke symbolische functie. Tussen de ornamenten verschijnen de heraldische emblemen van de familie Vitelli, waaronder het kalf (vitello). Door deze familietekens te verbinden met verwijzingen naar de klassieke oudheid presenteert Vasari de Vitelli's als waardige erfgenamen van de Romeinse beschaving. De gevel wordt zo niet alleen een decoratief kunstwerk, maar ook een vorm van culturele en dynastieke legitimatie waarin afkomst, macht en humanistische geleerdheid samenkomen.

Die beeldtaal wordt in de interieurs voortgezet. De zalen kregen een samenhangend programma van mythologische, allegorische en historische voorstellingen, waarvan de iconografische opzet aan Vasari wordt toegeschreven en die grotendeels door Gherardi werden uitgevoerd. Apollo en de Muzen verwijzen naar de vrije kunsten en de intellectuele vorming van de beschaafde edelman, terwijl de kardinale deugden wijsheid, rechtvaardigheid, moed en matigheid als fundamenten van goed bestuur verbeelden. Ook Alexander de Grote, Julius Caesar en Scipio Africanus verschijnen als exempla virtutis: voorbeelden van voortreffelijkheid waarmee Alessandro Vitelli impliciet in dezelfde traditie wordt geplaatst.

Hier krijgt het renaissancebegrip virtù zijn volle betekenis. Het omvat niet alleen morele deugd, maar ook moed, politieke wijsheid, zelfbeheersing, militaire bekwaamheid en culturele ontwikkeling. De decoratie maakt deze eigenschappen zichtbaar als kenmerken van de ideale bestuurder. Juist de samenhang tussen de verschillende voorstellingen vormt de kern van Vasari's ontwerp: het paleis is geen verzameling afzonderlijke decoraties, maar een omgeving die als een humanistische tekst kan worden gelezen, waarin klassieke literatuur, mythologie, heraldiek en politieke ambitie elkaar aanvullen. De beschouwer wordt daardoor niet alleen visueel, maar ook intellectueel aangesproken.

Palazzo Vitelli alla Cannoniera markeert zo een belangrijk moment in Vasari's ontwikkeling als kunstenaar, theoreticus en humanistisch ontwerper. Zijn inventio bepaalt niet alleen wat er wordt afgebeeld, maar ook hoe de verschillende onderdelen gezamenlijk betekenis krijgen. Het paleis vormt een vroege voorstudie voor de monumentale decoratieprogramma's die later, onder meer in het Palazzo Vecchio in Florence, hun hoogtepunt zouden bereiken. Achter de elegante sgraffito-gevel en de rijk beschilderde zalen schuilt een zorgvuldig gecomponeerd visueel betoog waarin macht, geschiedenis, klassieke geleerdheid en morele idealen samensmelten. Kunst wordt hier niet alleen ingezet om een paleis te verfraaien, maar om de identiteit, ambities en culturele positie van zijn opdrachtgever zichtbaar te maken.

Geraadpleegde literatuur:
- Le Vite de' più eccellenti pittori, scultori e architettori (Vita di Cristofano Gherardi detto il Doceno)
- Keytoumbria.com
- Wikipedia
- catalogo.fondazionezeri.unibo.it

Giorgio Vasari (ontwerp) en Cristofano Gherardi (uitvoering), monochrome fresco's op de tuingevel (ca. 1534 - 1537)

Giorgio Vasari (ontwerp) en Cristofano Gherardi (uitvoering), monochrome fresco's op de tuingevel (ca. 1534 - 1537)

Cristoforo Gherardi (1508–1556)
Battista Tifernate (actief in de 16e eeuw)
Decoratie: wapenschilden

De decoratie van de tuingevel van het Palazzo Vitelli alla Cannoniera is ontworpen door Giorgio Vasari, die de tekeningen leverde. De uitvoering van de graffitodecoratie was in handen van Cristoforo Gherardi en een verder onbekende Battista. Dit type geveldecoratie vond zijn oorsprong in Florence. De zwart-witte graffiti met groteske motieven sluiten aan bij de Florentijnse traditie, zoals ontwikkeld door Andrea di Cosimo Feltrini (16e eeuw) (C. Aldini Lucchinat, La grottesca, in Storia dell'arte italiana, deel XI, Turijn, 1982, pp. 161–200). Volgens een inscriptie in een lunet van het paleis waren Paola Rossi di San Secondo uit Parma en haar echtgenoot Alessandro Vitelli de opdrachtgevers voor de decoratie. De sgraffitowerken werden uitgevoerd tussen 1532, het jaar waarin het hoofdgebouw van het paleis werd voltooid, en 1535–1536. In zijn Le Vite schrijft Vasari dat hij, samen met Antonio da Sangallo, Pier Francesco da Viterbo en Cristoforo Gherardi, kort na de bouw van de Fortezza da Basso in Florence (1534–1535) naar Città di Castello reisde. Daar vermeldt hij dat "...hij en de genoemde Battista alles tot in de perfectie voltooiden... Vooral Cristofano, die zich met dit werk oefende, ontwikkelde zich tot een uitzonderlijk vaardig tekenaar en colorist" (Vasari, 1568, p. 516). In de gevel bevinden zich vijf terracotta tondi, waarin zich vermoedelijk portretten van Romeinse keizers bevonden. Deze werken, toegeschreven aan de werkplaats van Della Robbia, werden in de 19e eeuw verkocht aan een Florentijnse antiquair.

Bron: catalogo.beniculturali.it