De kathedraal van Città di Castello:

Acht eeuwen geloof, architectuur en kunst

De Cattedrale dei Santi Florido e Amanzio behoort tot de belangrijkste religieuze monumenten van Umbrië. Hoewel minder bekend dan de kathedralen van Florence, Orvieto of Siena, weerspiegelen haar architectuur en kunstdecoratie ruim acht eeuwen kerkelijke, politieke en artistieke geschiedenis. De verschillende bouwfasen en decoratiecampagnes maken de kathedraal tot een samenvatting van de kunstgeschiedenis van Città di Castello, waarin de middeleeuwse traditie geleidelijk plaatsmaakte voor renaissance-, barok- en classicistische kunst.

Van vroegmiddeleeuwse kerk naar gotische kathedraal

Op deze plaats stond waarschijnlijk al in de zesde of zevende eeuw een kerk gewijd aan de heiligen Floridus en Amanzio, de patroonheiligen van de stad. Floridus was de eerste bisschop van Tifernum Tiberinum, de Romeinse voorganger van Città di Castello. Zijn graf groeide uit tot een belangrijk bedevaartsoord en gaf de kerk zowel religieuze als politieke betekenis. In de elfde eeuw verrees hier een romaanse kathedraal. Vanaf het begin van de dertiende eeuw werd deze geleidelijk vervangen door de huidige kerk. De bouw duurde ruim anderhalve eeuw en resulteerde in een gotische basiliek met drie beuken, een hoog middenschip en een rechthoekig koor. Anders dan de Franse gotiek bleef de architectuur relatief sober: harmonische proporties waren belangrijker dan extreme hoogte. De bouwmeesters zijn onbekend; opeenvolgende bouwloodsen werkten aan het gebouw, met invloeden uit zowel Umbrië als Toscane.

Het belangrijkste overblijfsel uit deze periode is het monumentale westportaal, vervaardigd tussen 1339 en 1359. De rijk geprofileerde archivolten, slanke zuilen en verfijnde natuurstenen omlijsting behoren tot de fraaiste voorbeelden van laatgotische architectuur in Umbrië. Hoewel de gevel onvoltooid bleef, geeft het portaal een indruk van de monumentale uitstraling die oorspronkelijk was voorzien.

Van gotiek naar barok

In de zeventiende en achttiende eeuw werd het interieur ingrijpend vernieuwd. Zijkapellen kregen nieuwe altaren, marmerbekleding, stucdecoraties en fresco's, geheel in de geest van de Contrareformatie. Zo ontstond een bijzondere combinatie van een gotische structuur en een overwegend barok interieur. Een dramatisch keerpunt was de aardbeving van 1789. De oorspronkelijke koepel, tussen 1680 en 1683 gebouwd naar ontwerp van Nicolò Barbioni, stortte grotendeels in. Architect Tommaso Catrani leidde de wederopbouw en realiseerde tussen circa 1790 en 1795 een steviger, aardbevingsbestendiger koepel. Eerder had hij in 1751 de schilderingen van de vier evangelisten vervaardigd. Na de aardbeving werd een belangrijk deel van het interieur opnieuw gedecoreerd, waardoor de kathedraal haar huidige laatbarokke en classicistische karakter kreeg.

De schilders van de kathedraal

De decoratie vormt een breed overzicht van de Umbrische barok- en laatbarokkunst. Pietro Montanini vervaardigde rond 1675 omvangrijke fresco's en schilderde onder meer het Mystieke huwelijk van de heilige Catharina. Het onderwerp, waarin de mystieke verbondenheid van de ziel met Christus wordt verbeeld, paste bij de religieuze beeldtaal van de Contrareformatie. Zijn warme kleuren en rustige composities geven het werk een ingetogen karakter.

Een belangrijke schilder is Marco Benefial, die tussen 1747 en 1749 het rechthoekige koor beschilderde met monumentale scènes uit het leven van de patroonheiligen Floridus en Crescentinus. Zijn krachtige composities, levendige kleuren en theatrale gebaren sluiten aan bij de Romeinse laatbarok. De geschiedenis van de heiligen wordt daarmee verbonden met geloof, bisschoppelijk gezag en de stedelijke identiteit.

Na de reconstructie van de koepel voltooide Tommaso Conca tussen 1795 en 1797 de decoratie van koepel en presbyterium. Zijn fresco's openen de architectuur optisch naar de hemel. De lichte kleuren, elegante figuren en harmonieuze classicistische stijl verschillen duidelijk van de dramatische barok van de voorafgaande eeuw. Samen met Benefials schilderingen vormen zij een decoratieprogramma waarin verschillende generaties kunstenaars elkaar aanvullen.

Ook de familie Pacetti leverde belangrijke bijdragen. Giovanni Battista Pacetti, bijgenaamd lo Sguazzino, schilderde in de Cappella dell'Angelo Custode Maria met het Kind, de aartsengel Michaël en Tobias. De combinatie van beschermengel, aartsengel en pelgrim benadrukt de goddelijke bescherming van de gelovige. Bernardino Pacetti schilderde tussen 1620 en 1630 het monumentale Kruisbeeld tussen de heiligen Floridus en Amanzio in de Cappella del Santo Crocifisso, een krachtig vroegbarok werk waarin emotie en devotie centraal staan.

Een belangrijke schakel tussen renaissance en vroege barok is het fresco Bekering van Paulus op de weg naar Damascus van Niccolò Circignani, il Pomarancio, in de Cappella di San Paolo. Het werk, ontstaan aan het einde van de zestiende eeuw, valt op door dramatische beweging, sterke lichtcontrasten en expressieve figuren.

Daartegenover staat een van de oudste kunstwerken in de kathedraal: de vijftiende-eeuwse voorstelling van de heilige Floridus. Dit werk herinnert aan de oorsprong van de kathedraal als bisschopskerk en aan de blijvende verering van haar eerste bisschop. Ondanks de latere barokke vernieuwingen bleef deze middeleeuwse devotie het religieuze hart van de kathedraal vormen.

Een kunsthistorisch document

De Cattedrale dei Santi Florido e Amanzio is geen homogeen gebouw, maar een levend kunsthistorisch document waarin acht eeuwen bouwkunst en religieuze beeldcultuur samenkomen. De gotische structuur vormt het fundament waarop generaties kunstenaars voortbouwden: van de middeleeuwse bouwmeesters en het gotische portaal via renaissance en maniërisme naar barok en classicisme. Juist deze opeenstapeling van stijlen maakt de kathedraal bijzonder. Zij vertelt niet alleen de geschiedenis van een gebouw, maar ook die van Città di Castello: een stad die haar identiteit steeds opnieuw vormgaf zonder haar religieuze en historische oorsprong uit het oog te verliezen.

Geraadpleegde bronnen:
- Wikipedia
- Keytoumbria
- Eigen waarnemingen ter plaatse van de kunstwerken en de architectuur van de kerk
- Bestudering van de informatiepanelen en toelichtingsbordjes bij de kunstwerken in de kerk

Portal (1339-59)

Niccolò Circignani (il Pomarancio), Cappella di San Paolo, Affresco unico rimasto in cattedrale, Conversione sulla via di Damasco (ultima cappella a sinistra, cappella di San Paolo) (einde 16e eeuw)

Boven: Pietro Montanini, Frescoes (ca. 1675)

Bernardino Pacetti, detto Sguazzino, Crocifisso tra i santi Florido e Amanzio (terza cappella, del Santo Crocifisso) (1620-1630)

Giovanni Battista Pacetti, lo Sguazzino, Cappella dell’ Angelo Custode, The decoration of this chapel, includes: the altarpiece (17th century) of the Virgin (above) and St Michael and Tobias (below)

Tommaso Conca, Frescoes (1795-97)

Tommaso Conca, Frescoes (1795-97)

Marco Benefial, Grandi affreschi nel coro rettangolare raffiguranti episodi della vita di San Florido e San Crescentino (1747-1749)

Tommaso Conca e Marco Benefial. affreschi, Cupola e presbiterio (1747-1797)

Tommaso Catrani, Four Evangelists (1751)
Cupola (1790-95), the original cupola (1680-83) by Nicolò Barbioni collapsed in the earthquake of 1789. it was reconstructed in its present form by Tommaso Catrani.

Onbekend

Pietro Montanini, Mystical Marriage of St Catherine
(17e eeuw)

Anoniem, St Floridus (15e eeuw)