
Een Visuele Meditatie over Sint Franciscus
Benozzo Gozzoli en het frescoprogramma van San Francesco in Montefalco
Een nieuwe visie op Franciscus
Benozzo Gozzoli ontwikkelde in de kerk van San Francesco in Montefalco een vernieuwende en tegelijkertijd diep gewortelde visie op de Franciscaanse traditie. Zijn fresco’s met scènes uit het leven van Sint Franciscus, voltooid in 1452, bouwen voort op de vernieuwingen van zijn leermeester Fra Angelico, maar geven een eigen, meer historische en maatschappelijk gerichte invulling.
Het frescoprogramma omvat negentien episodes uit het leven en werk van Sint Franciscus, verdeeld over twaalf fresco’s en een oorspronkelijk gebrandschilderd raam dat inmiddels verloren is gegaan. De schilderingen lopen boven de koorbanken langs de vijf wanden van de veelhoekige apsis en zijn gerangschikt in drie horizontale registers. Anders dan gebruikelijk begint de cyclus linksonder met de geboorte van Franciscus en eindigt rechtsboven met zijn verheerlijking in de hemel. De scènes moeten dus van beneden naar boven worden gelezen: eerst de onderste rij van links naar rechts, vervolgens de middelste rij en ten slotte de lunetten. Deze ongebruikelijke leesrichting weerspiegelt de spirituele ontwikkeling van Franciscus, van zijn aardse geboorte naar zijn uiteindelijke vereniging met God.
Hoewel fresco’s technisch altijd van boven naar beneden worden geschilderd, koos Gozzoli bewust voor deze omgekeerde narratieve volgorde. De toeschouwer wordt letterlijk en figuurlijk omhoog geleid, van de aardse werkelijkheid naar de hemelse heerlijkheid. Deze opbouw bereikt haar hoogtepunt in het gewelf, waar Sint Franciscus tronend in glorie wordt afgebeeld, omringd door engelen. In de vijf aangrenzende gewelfvelden bevinden zich de belangrijkste heiligen van de Franciscaanse orde, waardoor de gehele apsis uitmondt in een visioen van de hemelse Kerk.
Gozzoli gebruikt een verfijnde vorm van doorlopend narratief, waarbij verschillende momenten uit één verhaal binnen dezelfde architectonische ruimte worden samengebracht. Gebouwen, portieken en klassieke architectuurelementen verdelen de compositie in afzonderlijke scènes, terwijl de plaatsing van figuren in de ruimte vaak aangeeft welke gebeurtenissen eerder of later plaatsvinden. Hierdoor ontstaat een helder en logisch verhaalverloop dat zowel visueel aantrekkelijk als inhoudelijk doordacht is.
Een bijzonder onderdeel van de cyclus bevond zich oorspronkelijk in het centrale venster van de apsis. Hier was een gebrandschilderd raam aangebracht met de beroemde verschijning van Christus aan Franciscus in de kerk van San Damiano. Hoewel het raam verloren is gegaan en vervangen werd door een eenvoudig venster, is het onderwerp bekend gebleven dankzij het bewaard gebleven Latijnse opschrift onder het venster. Hierin wordt beschreven hoe de gekruisigde Christus Franciscus driemaal opdraagt: "Franciscus, ga en herstel mijn huis." Tevens wordt verwezen naar het moment waarop Franciscus geld door het kerkraam werpt. De keuze om deze scène als glas-in-lood uit te voeren was bijzonder betekenisvol: de handeling vond letterlijk plaats bij een kerkvenster.
De geschiedenis van de Franciscaanse orde
Een belangrijk kenmerk van de cyclus is de nadruk op de historische betekenis van de Franciscaanse orde. Rond de basis van de schilderingen bracht Gozzoli drieëntwintig portretmedaillons aan tussen de fresco’s en de koorbanken. Op de noord- en zuidwand vormen twintig Franciscaanse broeders als het ware een geestelijke stamboom van de orde. Zij zijn ontleend aan de Vitae Crucifixae Jesu Christi van Ubertino da Casale uit 1305.
Onder het centrale venster bevinden zich drie extra medaillons met de portretten van Dante, Giotto en Petrarca, drie grote Florentijnse cultuurdragers die de intellectuele en artistieke wereld van de renaissance vertegenwoordigen.
Hoewel de cyclus in grote lijnen chronologisch is opgebouwd, wijzigt Gozzoli bewust de volgorde van bepaalde episodes om inhoudelijke verbanden te leggen. Zo worden de geboorte van Franciscus en zijn ontmoeting met Dominicus met elkaar verbonden. Beide scènes onderstrepen de uitzonderlijke heiligheid van Franciscus en tonen hoe zijn leven vanaf het begin als goddelijk geleid wordt. Ook andere scènes leggen nadruk op zijn rol als vredestichter, bemiddelaar en moreel voorbeeld binnen de samenleving. Hierdoor verschuift de aandacht van louter persoonlijke heiligheid naar de bredere invloed van Franciscus op Kerk en wereld.
Een eigen interpretatie van Franciscus
In vergelijking met de beroemde Franciscuscyclus die Giotto rond 1290 schilderde in de bovenkerk van Assisi, toont Gozzoli zich opmerkelijk zelfstandig. Hij kende Giotto's cyclus goed en maakte er duidelijk gebruik van, maar volgde zijn voorbeeld niet slaafs. Hij koos andere scènes, wijzigde de volgorde en liet bewust de wonderen weg die Franciscus na zijn dood zou hebben verricht en die in Assisi wel zijn afgebeeld. Zijn aandacht richt zich vooral op de gebeurtenissen tijdens het leven van de heilige en op diens historische betekenis voor de ontwikkeling van de Franciscaanse orde. Gozzoli bewijst hiermee niet alleen zijn onafhankelijkheid, maar ook zijn inventiviteit als verhalenverteller.
Symboliek en theologie in beeld
Bijzonder betekenisvol is de plaatsing van de Stigmatisatie. Deze gebeurtenis wordt verdeeld over twee afzonderlijke beeldvelden: de verschijning van de serafijnse Christus en de knielende Franciscus die de wondtekenen ontvangt. De lichtstralen die beide delen verbinden overschrijden de grenzen van de afzonderlijke scènes. Door deze opzet krijgt de voorstelling een bijna sacramenteel karakter. De serafijnse Christus wordt bovendien visueel verbonden met het altaar, waardoor de spirituele betekenis van de gebeurtenis verder wordt versterkt.
Ook de opbouw van de gehele apsis draagt een symbolische boodschap. Anders dan in eerdere Franciscaanse voorbeelden beweegt de verhalende ontwikkeling zich van beneden naar boven. De scènes met de sterkste hemelse en spirituele betekenis, zoals de Stigmatisatie, de dood van Franciscus en zijn verheerlijking, bevinden zich in de hoogste zones van de ruimte. Zo wordt de blik van de toeschouwer letterlijk en figuurlijk omhoog geleid, naar het uiteindelijke doel van heiligheid en vereniging met God.
Op de beide pijlers links en rechts van de koorboog schilderde Gozzoli bovendien twee engelen met banderollen. Op deze banderollen staan niet alleen de naam van de opdrachtgever, de minderbroeder Fra Jacopo da Montefalco, maar ook de signatuur van de kunstenaar, Benotius Florentinus, en het jaartal 1452. Dit werk behoort tot de zeldzame vijftiende-eeuwse fresco's waarvan zowel opdrachtgever, kunstenaar als voltooiingsdatum expliciet in het programma zijn opgenomen.
Een hoogtepunt van de vroegrenaissance
Net als Fra Angelico combineert Gozzoli een vernieuwende omgang met ruimte, architectuur en perspectief met een diep theologisch programma. Zijn fresco’s tonen hoe verhalen niet alleen worden verteld, maar ook geïnterpreteerd door compositie, plaatsing en visuele relaties tussen de scènes. De fresco’s in Montefalco vormen een hoogtepunt van de vroegrenaissance. Ze verenigen de spirituele idealen van de Franciscaanse traditie met een moderne belangstelling voor geschiedenis, ruimte en menselijke ervaring. Door de uitgekiende ordening van de scènes, de bewuste manipulatie van chronologie en de symbolische opbouw van de apsis ontstaat een programma dat verder gaat dan het levensverhaal van Sint Franciscus. Het wordt een visuele meditatie over heiligheid, geschiedenis en de rol van de Franciscaanse orde in de wereld, waarin kunst niet alleen verhalen illustreert, maar ook religieuze en historische betekenissen zichtbaar maakt.
Bronnen:
- Marilyn Aronberg Lavin, The Place of Narrative: Mural Decoration in Italian Churches, 431–1600, University of Chicago Press, 1990
- Web Gallery of Art
- Keytoumbria.com
- Eigen waarnemingen ter plaatse van de kunstwerken en de architectuur van de kerk
- Bestudering van de informatiepanelen en toelichtingsbordjes bij de kunstwerken in de kerk.
De twintig episodes uit het leven van de heilige Franciscus zijn verdeeld over twaalf scènes, gerangschikt in drie registers. Het verhaal ontvouwt zich van links naar rechts, te beginnen onderaan. De gewelven van de apsis zijn versierd met plantmotieven, figuren van Franciscaanse heiligen en een voorstelling van de Glorie van Sint Franciscus. Boven het koor bevindt zich in een horizontale band een reeks van twintig medaillons met portretten van illustere Franciscaanse personen.
Eerste register
-
De geboorte van Sint Franciscus; Jezus in pelgrimskleding klopt aan zijn deur; een eenvoudige man brengt hulde aan de jonge Franciscus.
-
Franciscus geeft zijn mantel aan een arme man; Jezus toont hem in een droom een paleis vol schilden met het kruis.
-
Franciscus doet afstand van de bezittingen van zijn vader.
-
De Maagd Maria vraagt Christus de Rechter om voorspraak; Franciscus ontmoet Sint Dominicus in Rome, voor de Sint-Pietersbasiliek.
Middelste register
-
Paus Innocentius III ziet Franciscus in een droom terwijl deze de Lateraanse kerk ondersteunt; paus Honorius III keurt de Franciscaanse regel goed.
-
Franciscus knielt naast Sint Sylvester en verdrijft de duivels uit Arezzo.
-
Franciscus preekt tot de vogels bij Bevagna; hij zegent de stad Montefalco en haar inwoners.
-
Episodes uit het leven van de Heer van Celano.
Derde register
-
De geboorte van Greccio.
-
De vuurproef voor de sultan.
-
Franciscus ontvangt de stigmata op de berg La Verna.
-
De dood van de heilige.